Willems Weltschmerz

willemHalverwege Poitiers en Bordeaux ligt een slaperig, middeleeuws stadje dat eens per jaar wakker schrikt: Angoulême. Van 30 januari tot en met 2 februari wordt het overspoeld door ruim 200.000 stripliefhebbers, want hier vindt de 41ste editie plaats van het Festival International de la Bande Dessinée. De hoofdrolspeler is een Nederlander, Bernhard Holtrop aka Willem (1941), die eind jaren zestig in Frankrijk neerstreek. Geliefd bij lezers, gevreesd bij politici, als cartoonist van Libération en Charlie-Hebdo. Willem kreeg de Grand Prix van de stad Angoulême en dat betekent dat alle camera’s nu op hem gericht zijn. Er is een tentoonstelling aan zijn stripwerk gewijd, Willem, ça c’est de la bande dessinée! in het Hôtel Saint Simon; er verschijnen drie nieuwe boeken van hem, waaronder een Franse editie van ‘Billy the Kid’ dat al in 1968 bij Polak & Van Gennep uitkwam; en het Letterenfonds vaardigt 22 Nederlandse stripmakers af om ter plekke posters te maken onder het motto La Bédé est dans la rue (de strip ligt op straat), wat verwijst naar de befaamde slogan La Beauté est dans la Rue, de schoonheid ligt op straat, waarmee de demonstranten van ’68 strijd voerden.

Is Willem blij met al deze aandacht? Matig. Het eerbetoon vreet tijd en een mooie tekening voor de krant maken is even niet mogelijk. Per email laat hij weten: “De hele Angoulême-troep geeft me geen gelegenheid om er nu nog iets bij te doen. Jammer.”

In 2007 maakten Walther Grotenhuis en Cinta Forger een documentaire over het kunstzinnig universum van Willem onder de titel De Koele Woede. Maar zo koel is die woede niet. Het politiek engagement van Bernhard Holtrop wordt al vijftig jaar gevoed door weerzin, walging en verontwaardiging. Zijn argwaan jegens politici en militairen belandt op papier in vette inktlijnen, zonder een spoor van arcering, wat je symptomatisch mag noemen voor zijn illusieloze wereldbeeld: de machtsgeilen regeren, de machtelozen creperen.

Willem heeft een speciaal procedé ontworpen om zijn kijk op de politieke werkelijkheid gestalte te geven. Het fundament  daarvoor wordt gevormd door zijn kolossale knipselarchief, een monument tegen het vergeten dat hij in de loop der jaren bijeen heeft gesprokkeld uit kranten en tijdschriften. “Le papier-journal est ma drogue,” schreef hij verleden jaar in het voorwoord van Degueulasse. “Ik ben verslaafd aan krantenpapier.”

Een verslaving die mooie vruchten afwerpt. Uit de tienduizenden persfoto’s in zijn archief kiest hij met regelmaat een groot aantal markante voorbeelden, die hij natekent en collage-gewijs combineert met sarcastische cartoons. Dat leverde prentenboeken op als Deadlines uit 1998, Eliminations uit 2002 en Degueulasse uit 2013. Willem voegt jaartallen aan de tekeningen toe, zodat we met eigen ogen kunnen zien dat er nooit iets verandert. Staatshoofden, slachtoffers, corruptie, machtsmisbruik, geilheid en ijdelheid, folteringen, borsten vol medailles, Kalashnikovs en prikkeldraad. Achterop Eliminations schreef hij: “1 politieke moord is banaal. 52 politieke moorden is een boek!” Niet de waan van de dag heeft zijn aandacht, maar de eeuwige wederkeer van altijd weer dezelfde misère. De krant van gisteren en de krant van morgen verschillen op essentiële punten bar weinig van elkaar. Willems voorspelling van de toestand in de wereld anno 3000 – geraamten slaan elkaar de schedel in – zit er vermoedelijk niet ver naast. De politiek tekenaar is een Sisyphus, eindeloos bezig om een steen de berg op te duwen. Machthebbers blijven moorden, Willem blijft knipsels knippen. Zo eindigt het voorwoord van Degueulasse: “Op een dag kom ik thuis van een reis en ontdek dat een lekkage het hele archief heeft gereduceerd tot yoghurt. Dat is het leven, ik zal opnieuw moeten beginnen.”

Het Letterenfonds doet er alles aan om de Nederlandse strip in Angoulême te promoten en zendt een buslading tekenaars uit. Voor het project La Bédé est dans la rue (de strip ligt op straat) worden ter plekke affiches ontworpen door Paul Teng, Maaike Hartjes, Marcel Ruijters, Joost Swarte, Milan Hulsing, Aimee de Jongh, Typex, Jeroen Funke, Floor de Goede, Henk Kuijpers, Erik de Graaf, Barbara Stok, Hanco Kolk, Nanne Meulendijks, Guido van Driel, Sam Peeters, Peter van Dongen, Robert van Raffe en Jan Cleijne. Locatie: het Atelier Populaire Néerlandais in l’Espace Franquin.

Een gewijzigde vorm van dit artikel stond op 28 januari in de Volkskrant.

 

Geplaatst in Volkskrant