Groen licht voor Typex

typex“Ik heb knalgroen licht!” juichte Typex na zijn terugkeer uit New York. Begrijpelijke blijdschap, want er zit al drie jaar werk in ‘Andy’, zijn verstripping van Warhols leven, waarvoor belangstelling bestaat bij uitgevers in twaalf landen. De oppermachtige Andy Warhol Foundation had zijn stripbiografie echter kunnen dwarsbomen. Stripmaker Typex (ps. Raymond Koot, 1962) neemt voor zijn nieuwe project overigens goede papieren mee, want zijn getekende biopic ‘Rembrandt’ verscheen eerder al in zeven talen.

In november vorig jaar ging hij voor onderzoek naar het Andy Warhol Museum in Pittsburgh, waar ze een enorme collectie werk hebben uit alle periodes van Warhols leven. Zoals de Time Capsules, kartonnen dozen met alles wat de kunstenaar vijftien jaar lang van zijn bureau heeft geveegd. Maar ze hebben ook alle films, die voor Typex belangrijk zijn. In de Filmkrant publiceert hij maandelijks een dubbele bladzijde uit zijn notitieboekjes onder de titel ‘Andy at the movies’, waarmee hij Warhols banden met de filmcultuur behandelt.

“Er hangt in het museum veel vroeg werk, zoals een zelfportret toen hij een jaar of veertien was, ontzettend goed geschilderd. Je kunt goed zien dat hij iets bijzonders wilde zijn, als jongetje in Pittsburgh. Ook zijn homo-erotische tekeningen uit de jaren vijftig hangen er, die niet gepubliceerd konden worden. Dus zijn hele leven & werk, die ik in mijn boek ook aan elkaar koppel.”

Typex’ tekende het eerste schetsje voor ‘Andy’ op 19 augustus 2013, zo lang is hij er alweer mee bezig. Hij beschikt nu over een dummie van 532 bladzijden, die de complete biografie in schetsvorm bevat. Het boek wordt uitgegeven door Casterman in België in samenwerking met Scratch Books in Nederland. Casterman heeft de dummie gedrukt in een oplage van slechts vier exemplaren. Een piepkleine, kosmopolitische oplage: er ligt er een exemplaar in New York, een in Brussel, een in Parijs en een in Amsterdam bij de tekenaar thuis.

“Ter voorbereiding op het boek wou ik een aantal mensen te pakken krijgen, maar niemand reageerde. Wim Pijbes (toen nog directeur van het Rijksmuseum, JP) zei: als je ergens mee zit, laat het maar weten. Dus hij schreef een fantastische mail vol aanprijzingen en binnen een half uur was er antwoord. In de kettingreactie die daarop volgde meldde zich iemand van de Warhol Foundation die schreef dat ze op zich niet ‘opposed’ waren, maar dat al het beeldrecht bij hen berustte: niet alleen op Warhols werken, maar ook op zijn geschriften, op alle denkbare uitingen, op zijn naam, op zijn persoon, op alles!

‘Maak je geen zorgen,’schreef ik terug, ‘want ik teken alles na”. Hun reactie: ‘Besef dat dat geen verschil maakt, alles wat je doet refereert aan zijn werk.’ Daarop ontving ik een lijst van acht advocatencollectieven en waar zij zich mee bezighouden: Warhols handtekening, zijn uitspraken, het portretrecht. In Amerika is dat heel strikt geregeld, ik hoorde zelfs dat de stad New York het beeldrecht op het Empire State Building heeft.

Er waren eigenlijk twee keuzes: of ze konden alles verbieden of ze konden de rechten voor Casterman onbetaalbaar maken. De enige kans van slagen was dat ikzelf als artiest naar de Foundation zou gaan en al mijn charmes inzetten. Niet omdat ik een lekker ding ben, maar omdat ik oprecht ben, ik ga er geen slaatje uit slaan, my intentions are good! Ik vind echt dat ik een taak heb: Warhol komt in alle bio’s naar voren als een ongelooflijke zeurpiet, duidelijk iemand die getraumatiseerd is. Maar als je zijn ‘diarree’ leest, de 1200 bladzijden tellende Warhol Diaries, zie je dat hij ook heel grappig kon zijn. Iemand met wie ik graag een pilsje zou drinken. Ik wil compassie tonen, laten zien wat ik leuk aan hem vind.”

“Eind mei ben ik naar New York gegaan. Ik had er een ontmoeting met Michael Herman, Director of Licensing. Tegen de verwachting in was hij geen zakenman, geen ‘stropdas’, hij had zelfs tattoos. Ik zei: kom naast me zitten, dan zal ik het boek aan je voorlezen. We hebben anderhalf uur gebladerd. Maar ik wilde daar niet weg zonder dat het hoge woord eruit was, dus ik vroeg: ‘Hoe bang moet ik voor jullie zijn?’ Hij zei: ‘Als ik dit zie, zeg ik dat je je niks van ons moet aantrekken. Een grafische roman is een heel nieuw medium, daar gelden andere wetten voor. Het is jouw visie, het is een artist’s product.’

Typex heeft nog niks op zwart en wit, maar beschouwt deze reactie toch als ‘knalgroen licht’ voor zijn biopic en gaat zo snel mogelijk aan de slag. ‘Andy’ zal bestaan uit tien delen die elk een ander tijdvak uit Warhols leven behandelen. Elk van die delen vormt een afzonderlijk magazine in een aparte stijl, wat ook de vormgeving arbeidsintensief maakt. Typex moet alles opnieuw tekenen en gaat daarvoor geschikte papiersoorten uittesten en zijn atelier uitmesten. “Maar ik moet eerst wat klussen gaan doen, want ik sta hardstikke rood.”

Dit artikel stond op 17 juni in de Volkskrant.

Geplaatst in Volkskrant
1 Reactie op “Groen licht voor Typex
  1. iris schreef:

    o wat gaaf! ik heb ooit zijn biografie gelezen en ben heel erg benieuwd (en ik heb al een Rmebrandt gemist zie ik).
    Hopelijk verloopt alles ok met de rechten.
    Veel succes!